“Een weinigje beschaaving”
De Almanak voor Vrouwen door vrouwen (1792-1818): een doorgeefluik voor de ideeën van Mary Wollstonecraft?

Anne Oechtering

Publicatiedatum: 20 december 2019

Inleiding

In het jaar 1792 – midden in de periode van de Verlichting – verschijnen twee opmerkelijke publicaties: in Londen Mary Wollstonecrafts essay A Vindication of the Rights of Woman en in Amsterdam de eerste aflevering van Catharina Dólls Almanak voor vrouwen door vrouwen (1792-1818). Mary Wollstonecraft (1759-1797) was een Engelse auteur, filosofe, en uitgesproken voorvechter van vrouwenrechten. A Vindication verschijnt vijf jaar voor haar dood en is een krachtig geluid in de internationale discussie over de positie van de vrouw. Het essay wordt binnen een jaar in het Frans en het Duits vertaald. Catharina Dóll (1750-1824) lanceert in 1792 met haar Almanak voor vrouwen door vrouwen de eerste publicatiereeks in Nederland die zich uitdrukkelijk tot een vrouwelijk publiek richt en voornamelijk vrouwelijke auteurs publiceert. Dóll is de weduwe van Jan Dóll, oprichter van uitgeverij en boekhandel Dóll in Amsterdam. Na zijn dood leidt zij het bedrijf tot aan haar overlijden. Als boekhandelaar en uitgever is Dóll bekend met Wollstonecraft, en ze onderneemt zelfs een poging om de Nederlandse editie van A Vindication uit te geven. [1] Een vraag die ook Myriam Everard in haar biografisch lemma over Catharina Dóll opwerpt, ligt voor de hand: Zou Wollstonecraft Dóll hebben geïnspireerd met ideeën over een gedeeld vrouwenbelang? [2] Is Dólls almanak misschien zelfs een doorgeefluik om Wollstonecrafts ideeën over vrouwenemancipatie binnen het Nederlandse (vrouwen)publiek te verspreiden?

Voorpagina van de eerste editie van de Almanak voor vrouwen door vrouwen MDCCXCII [1792]. Ets op papier. Universiteitsbibliotheek Leiden. Signatuur 1028 F 43. Geraadpleegd op Delpher op 16-11-2019. https://resolver.kb.nl/resolve?urn=dpo:3040:mpeg21:0005

A Vindication of the Rights of Woman

Mary Wollstonecraft eist in haar politieke essay A Vindication of the Rights of Woman voor vrouwen dezelfde fundamentele rechten en plichten als voor mannen, iets wat tot dan toe ongekend is. In het kielzog van de Franse Revolutie en de Verklaring van de rechten van de mens in 1789 had Wollstonecraft gehoopt dat ook voor vrouwen en nieuw tijdperk zou aanbreken. Maar in 1791 pleit de Franse politicus Charles Maurice de Talleyrand-Périgord ervoor om vrouwen alleen een huishoudelijke opleiding toe te staan en ze dus geen gelijkwaardige kansen te gunnen. Talleyrand-Périgord beroept zich op de populaire positie van Jean-Jacques Rousseau. Die beweerde in zijn Émile ou de l’éducation (1762) dat vrouwen van nature niet in staat zouden zijn tot rationeel denken en dat intellectuele ontplooiing van vrouwen onmogelijk én onwenselijk voor de maatschappij zou zijn. [3]


Wollstonecraft publiceert vervolgens A Vindication uit protest tegen Talleyrand-Périgord en zijn voorstel om van vrouwen in feite tweederangs burgers te maken. Ze vergelijkt de eigentijdse situatie van vrouwen zelfs met die van slaven: kunstmatig onderdrukt, buitengesloten van opleidingsmogelijkheden, en eigendom van vader of echtgenoot. Volgens haar is het in het belang van de gehele maatschappij dat vrouwen intellectuele metgezellen worden van mannen, met daadwerkelijk gelijke rechten. Voorwaarde hiervoor is om hen te laten streven naar kennis en naar moraliteit en vlijt, ten koste van oppervlakkigheid en uiterlijkheid. [4]


Wollstonecrafts essay wordt meteen internationaal breed besproken. De eerste recensies zijn positief, maar naarmate de tijd vordert overheersen de afwijzende reacties. [5] Toch is haar essay en de internationale receptie daarvan een mooi voorbeeld voor de werking van een nieuw fenomeen dat volgens Jürgen Habermas kenmerkend is voor de periode van de Verlichting: dat van de nieuwe ‘publieke ruimte’. [6] In deze ‘publieke ruimte’ kunnen ideeën binnen het burgerlijke domein vrij bediscussieerd werden en vinden ze via de nieuwe massamedia verspreiding.

De Almanak voor vrouwen door vrouwen

Ook in Nederland wordt Wollstonecraft gerecipieerd en bediscussieerd. Dóll is een van de boekhandelaren die Wollstonecrafts publicaties verkoopt. [7] Dólls pogingen echter om in 1794 de uitgeversrechten van de Nederlandse editie van A Vindication te verkrijgen, en in 1798 nogmaals van Wollstonscrafts Mary, or The wrongs of woman (1798), mislukken. [8] Dólls eigen publicatiereeks, de Almanak voor vrouwen door vrouwen, wordt daarentegen een succes. De Almanak beleeft achtentwintig edities tussen 1792 en 1824. Dankzij zijn hoge oplage en breed lezerspubliek oefent de almanak invloed uit op de publieke opinie in Nederland en speelt hij een rol bij het vormen en misschien wel veranderen van de mening over de positie van de vrouw. Maar welke standpunten over de vrouw propageerde de Almanak?


De Almanak voor vrouwen door vrouwen bevat - naast de voor een almanak typerende praktische informatie over bijvoorbeeld de ‘vertrektijden der posten en schuiten’ - korte verhalen, gedichten, bespiegelingen en biografische schetsen van belangrijke vrouwen uit de geschiedenis, allemaal geschreven door Nederlandse en voornamelijk vrouwelijke auteurs. De verhalen worden anoniem gepubliceerd, maar het is bekend dat een aantal bekende schrijfsters veelvuldig bijdroegen, te weten: Maria van Zuylekom (1759-1831) en Adriana van Overstraten (1756-1828), Petronella Moens (1762-1843), Rebekka Dresselaer-Ooremans (ca. 1745-1809), Maria Petronella Woesthoven (1760-1830), Cornelia Anna Nozeman (ca. 1768-1821), en later ook Elisabeth Wolff-Bekker (1738-1804), Agatha ‘Aagje’ Deken (1741-1804), Anna Barbara van Meerten-Schilperoort (1778-1853), Katharina Bilderdijk-Schweickhardt (1776-1830) en Fenna Mastenbroek (1788-1826). [9]

Almanak voor vrouwen door vrouwen, het jaar MDCCCXI [1810]. IISG N 475/76. 10,15 x 7,7 cm.

Voorpagina A Vindication of the Rights of Woman [1792]. Library of Congress, Washington DC.

‘Aan mijn waarde vriendinnen’: de vrouw volgens de Almanak

De doelgroep van de almanak blijkt uit de titel, ‘voor vrouwen’, en het leespubliek spreekt Dóll in haar voorwoord aan als ‘mijne waarde vriendinnen’. [10] Zij richt zich duidelijk tot vrouwen uit haar eigen stand, de burgerlijke vrouw, die door arbeid en deugdzaam gedrag aan het aanzien van haar gezin kan bijdragen. [11] De bedoeling van de almanak, zoals Dóll in alle bijna identieke voorwoorden schrijft, is om vrouwen aan de hand van educatieve verhalen ‘als van zelven te leeren nadenken over die gewigtige bestemming, waar toe zij door de Voorzienigheid verordend is.’ [12] Op het eerste gezicht doet dit denken aan ‘Sapere aude!’, het beroemde antwoord van Immanuel Kant op de vraag ‘Wat is Verlichting?’ [13] Maar in tegenstelling tot Kant vertrouwt Dóll niet op het individuele verstand, maar hebben de vrouwen stevige begeleiding, of zoals zij schrijft, ‘eener behoorlijke leiding en bestiering’ nodig om ‘een weinigje ontwikkeling en beschaaving’ te kunnen bereiken. [14]


Haar ideaalbeeld van de deugdzame vrouw haalt Dóll uit een geïdealiseerd verleden waarin de door haar geprezen deugden zoals ‘nijvere werkzaamheid en vaderlandsche zeden’, ‘vlijt en spaarzaamheid’ en ‘natuurlijke schoonheid’ vanzelfsprekend geweest zouden zijn. [15] Hierin onderscheidt zij zich duidelijk van Wollstonecraft, die in A Vindication een utopisch, op de toekomst gericht beeld schetst, met een maatschappij waarin de vrouw voor het eerst een gelijkwaardige maatschappelijke positie kan innemen.


Dóll onderkent net als Wollstonecraft dat de intellectuele vaardigheden van vrouwen minder ontwikkeld zijn dan die van mannen. De reden is volgens haar dat ‘[d]e vrouwen […] uit alle geleerde Maatschappijen uitgesloten [zijn], en wat wonder dan dat haare voortbrengsels dus in veele opzichten gebrekkig zijn.’ [16] Maar ondanks het besef dat de intellectuele achterstand maatschappelijke redenen heeft, laat Dóll zich in haar voorwoorden neerbuigend uit over vrouwen met intellectuele ambities. Een geleerde vrouw is hoogmoedig, veronachtzaamt haar vrouwelijke plichten en streeft haar eigenlijke bestemming voorbij. [17] Dit is tenminste bevreemdend, gezien het feit dat Dóll de publicaties van Wollstonecraft, publicaties van een geleerde vrouw die zich buiten het huiselijk domein engageert en daarmee zelfs internationale aandacht trekt, had willen uitgeven. Is haar kritiek op de geleerde vrouw misschien gericht aan Wollstonecraft?


Ook het spotgedicht ‘Het gesprek’ over een ‘weetziek meisje’ [18] waarschuwt voor het streven naar geestelijke ontplooiing. [19] Het vrouwelijk brein is volgens het gedicht ‘teeder’ en sneller ‘afgemat’. Alleen al de classificatie ‘weetziek’ suggereert dat ‘weetlust’ pathologisch en schadelijk is bij een vrouw. Waar Wollstonecraft alleen fysieke verschillen tussen man en vrouw ziet, zijn er volgens de almanak van Dóll dus ook verschillen in de geestelijke vermogens van vrouwen en mannen. Uiteindelijk moet een ‘weetziek’ meisje zich volgens de Almanak erbij neerleggen dat het huishouden haar domein is. Vrouwen die zich in boeken verliezen, verliezen aan aanzien binnen hun stand. De bemoeienis met typisch mannelijke zaken, en daarmee met alles wat buiten het domein van het gezin valt, is volgens de almanak onnatuurlijk en zelfs ‘veragtelijk’. [20] De vrouw is juist bedoeld als zwak en gevoelig, zodat de man zich over haar kan ontfermen: ‘De wijze Schepper vormde haar zwakke vaten, op dat gij de beminnelijkste uwer deugden, waarom zij u het meest achten, uwe hulp en dienstvaardigheid, op de luisterrijkste wijze zoudt ten toon spreiden.’ [21]

Een vergelijking van A Vindication en de Almanak

Gelet op de inhoud van de Almanak is het niet waarschijnlijk dat Wollstonecrafts A Vindication een grote invloed heeft gehad op Catharina Dólls Almanak voor vrouwen door vrouwen. Wollstonecraft eist voor vrouwen gelijke burgerrechten én de mogelijkheid om de maatschappelijke achterstand door middel van opleiding en opvoeding weg te werken. Ook eist zij van vrouwen om volwaardige partners te worden en om hun verantwoordelijkheid in de maatschappij ook buiten het huiselijke domein nemen. Zij neemt de revolutionaire leus van ‘vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid’ letterlijk en verbindt daaraan het burgerlijke streven naar emancipatie.


Van deze radicaal vernieuwende ideeën over de positie van de vrouw is in Dólls almanak geen sprake, ook al komt een enkele schrijfster op voor de behoeften van de vrouw op intellectueel gebied. De grootste overeenkomsten met Wollstonecraft liggen in de afwijzing van uiterlijk vertoon, in het besef van ongelijke kansen voor vrouwen op intellectuele ontplooiing, en in de wens om het plichtsbesef van de burgerlijke vrouw te bevorderen.


De verschillen met Wollstonecraft zijn desalniettemin groter en fundamenteler. Politieke inmenging van vrouwen is volgens de almanak niet wenselijk. En ook betere educatie van vrouwen is niet bedoeld om man en vrouw gelijk te stellen, maar om vrouwen beter voor te bereiden op hun specifiek vrouwelijke plichten. Geleerde vrouwen zoals Wollstonecraft worden als schrikbeeld, als savants of geleerde dwazen, weggezet. Vrouwen die zich met traditioneel mannelijke domeinen bemoeien, begeven zich volgens de almanak op een dwaalspoor en volgen niet hun natuurlijke bestemming.


Het beeld van de natuurlijke bestemming van de vrouw dat uit de almanak spreekt komt meer overeen met Rousseau’s beeld van de vrouw in de Émile dan met Wollstonecrafts ideeën in A Vindication. De lezeressen van de almanak moeten het huishouden de primaire aandacht geven. Ze moeten zowel oppervlakkigheid maar ook teveel diepgang vermijden. Een beetje lezen mag, bijvoorbeeld een verhaaltje uit de almanak, maar het mag niet ten koste gaan van het traditioneel vrouwelijke domein. Om het met Dóll te zeggen: ‘[E]en weinigje beschaving’ moet voldoen. [22]

Was Dóll bekend met A vindication?

Deze uitkomst lijkt verrassend: Hoe kan het immers zijn dat iemand die de poging onderneemt om Mary Wollstonecraft uit te geven en die in haar almanak de vrouw als doelgroep en onderwerp centraal stelt, een zo tegenovergestelde positie inneemt in haar eigen publicatie? Wat in eerste instantie zo logisch leek, dat Dóll diepgaand zou zijn beïnvloed door Wollstonecraft, blijkt op impliciete en mogelijkerwijs onjuiste veronderstellingen gestoeld. Hoe zit het bijvoorbeeld met de veronderstelling dat Dóll Wollstonecrafts ideeën deelde? Het is mogelijk dat Dóll wél sympathie had voor de ideeën van Wollstonecraft, maar zichzelf economisch en politiek moest beschermen. De censuur was sterk in die tijd. Dóll was economisch afhankelijk van de uitgeverij en het was voor haar dus belangrijk om niet te botsen met de toen heersende politieke censuur. Vergeleken met de vanaf 1795 bij J. van Gulik in Amsterdam gepubliceerde Almanach voor meisjens, door meisjens is Dólls almanak zeer tam. Deze Almanach voor meisjens is met name bekend door de brieven van 'R. NB', waarin de lezeressen worden opgeroepen om de onderdrukking door mannen niet langer te dulden. Het directe resultaat was een verkoopverbod in Amsterdam. [23]


Een andere mogelijkheid is dat Dólls eigen politieke agenda duidelijk van die van Wollstonecraft afwijkt. Tijdens de Franse terreur in de jaren negentig van de achttiende eeuw keert het enthousiasme voor de idealen van de Franse revolutie in andere Europese landen om in een conservatieve tegenreactie. Dóll refereert in haar almanak aan het roemrijke verleden van de Nederlandse natie, en ze spreekt negatief over Franse modeverschijnselen. Dit zou een orangistische houding kunnen weerspiegelen.


Maar of zij nou wél of niet sympathie had voor de ideeën van Wollstonecraft boekhistorica Myriam Everard, bekend met het fonds van Dólls uitgeverij en met het uitgeverslandschap in die tijd, ziet Dóll in eerste instantie als handige zakenvrouw zonder een bepaalde politieke voorkeur. Ze ziet haar als iemand die voor verschillende stromingen een platform bood [24] en dus mogelijkerwijs ook voor een internationaal succesvolle schrijver als Wollstonecraft. Mogelijk was niet een gedeeld ideologisch belang, maar het economische belang haar belangrijkste drijfveer om het werk van Wollstonecraft uit te willen geven.


Ook een tweede veronderstelling, door Everard in haar biografisch artikel over Dóll gesuggereerd en tevens het fundament van mijn onderzoek, namelijk dat Dóll bekend was met het werk van Wollstonecraft, houdt waarschijnlijk geen stand. Dóll wist uiteraard van het werk van Wollstonecraft, ze wilde immers A Vindication laten vertalen en uitgeven, maar of ze het origineel gelezen heeft en überhaupt Engels kón lezen, is zeer de vraag. Kennis van het Engels was immers in die tijd in Nederland zeker onder vrouwen ongebruikelijk. [25] Veel aannemelijker is dat Dóll bekend was met de Duitse vertaling van A Vindication. Een sterk argument hiervoor is dat Dóll in de Utrechtse Courant had aangekondigd om haar vertaling van A Vindication met het voorwoord van de Duitse editie te voorzien. [26] Zowel de Franse als ook de Duitse editie waren echter adaptaties, oftewel hertalingen in plaats van vertalingen, met een geheel eigen interpretatie van het origineel - een gebruikelijke praktijk in de achttiende eeuw. [27]

Die Rettung der Rechte des Weibes

De Duitse editie van A Vindication, Die Rettung der Rechte des Weibes mit Bemerkungen über politische und moralische Gegenstände, had dankzij het voorwoord van Christian Gotthilf Salzmann en de vele relativerende vertalingen en voetnoten een behoudend karakter. Salzmann spreekt in het voorwoord van Die Rettung de hoop uit dat het lezen van zijn editie eraan zou bijdragen dat vrouwen en meisjes de eervolle positie, waartoe zij door de schepper zijn uitverkoren, zullen willen innemen, namelijk die van vriendin en adviseur van de man, en dat ze hun taak, namelijk het huishouden en het opvoeden van de kinderen, op een verstandige manier zullen verzorgen. [28] Vrouwen moeten volgens Salzmann dus hun ondergeschikte positie ten opzichte van de man accepteren, en aan hen komt alleen het huiselijke domein toe.


Niet alleen zwakt Salzmann Wollstonecrafts eis van daadwerkelijk gelijke rechten en plichten af, hij verandert ook de adressant van Wollstonecrafts essay van de politieke besluitvormer naar de burgerlijke vrouw. Hierdoor verliest de Duitse vertaling van A Vindication haar politieke inhoud én haar bedoeling, en verwordt het tot stichtelijke literatuur voor vrouwen, net als Dólls almanak. Uit Dólls voorwoorden in de almanak en haar selectie van teksten komt eenzelfde, vanuit een huidig standpunt bezien uiterst traditionele opvatting over de positie van de vrouw naar voren. Dóll was zoals gezegd bekend met Salzmanns voorwoord. Het is dus mogelijk dat de Duitse hertaling van Wollstonecrafts Vindication wél een inspiratie was voor de Almanak. Dit is meteen een mogelijk antwoord op de vraag waarom de boodschap van Wollstonecrafts versie van A Vindication niet terug te vinden is in Dólls Almanak: Die boodschap heeft Dóll waarschijnlijk niet eens bereikt.

John Opie, Mary Wollstonecraft (c. 1797). National Portrait Gallery NPG 1237

Conclusie en discussie

Het besef dat de verschillende Europese vertalingen van Wollstonecrafts A Vindication als vehikel dienden om telkens een andere politieke en maatschappelijke boodschap te transporteren, brengt me tot de vraag of er in de periode van de Verlichting eigenlijk wel sprake was van een internationale dialoog over de rechten van de vrouw. Misschien was de ‘publieke ruimte’, die Habermas als zo kenmerkend voor de Verlichting ziet, geen internationale ruimte, maar werd deze beperkt door linguïstische en misschien zelfs nationale grenzen. Ook al gaven de gelijktijdigheid van beide publicaties en de link tussen Dóll en Wollstonecraft aanleiding om de invloed van Wollstonecraft op Dólls almanak te onderzoeken, de conclusie van dit essay blijft dat de ‘echte’ Wollstonecraft in de eerste Almanak voor vrouwen door vrouwen geen ingang gevonden heeft.

Noten

[1] Zie Myriam Everard, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars? To blictri, Wollstonecraft en andere raadsels in de Wolff-en-Dekenstudie’, Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 27 (2004) 141-151, aldaar 147. http://www.dbnl.org/tekst/_med009200401_01/_med009200401_01_0035.php

[2] De historica Myriam Everard wijst in haar lemma over Dóll op een mogelijkerwijs gedeeld vrouwenbelang tussen haar en Wollstonecraft. Myriam Everard, Egges, Catharina, in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. http://resources.huygens.knaw.nl/vrouwenlexicon/lemmata/data/Egges

[3] Zie Joke J. Hermsen, ‘De vrouw moet buigen. Jean-Jacques Rousseau en de superioriteit van mannen’, De Groene Amsterdammer, 6 juni 2012. https://www.groene.nl/artikel/de-vrouw-moet-buigen

[4] Mary Wollstonecraft, A Vindication of the Rights of Woman. With Strictures on Political and Moral Subjects (2de druk; London 1792), aldaar 1. https://www.bl.uk/collection-items/mary-wollstonecraft-a-vindication-of-the-rights-of-woman

[5] Laura Kirkley, ‘Feminism in translation. Re-writing The Rights of Woman’, in: Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Crossing cultures. Nineteenth-Century Anglophone literature in the Low Countries (Leuven 2009) 189-200, aldaar 190.

[6] Jürgen Habermas, Strukturwandel der Öffentlichkeit (1962).

[7] Everard, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars?, 150.

[8] Everard, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars?, 147.

[9] Everard, Egges, Catharina, in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland.

[10] Catharina Dóll, Almanak voor vrouwen door vrouwen MDCCXCII (Amsterdam 1792), 5. http://resolver.kb.nl/resolve?urn=dpo:3040:mpeg21

[11] Ibidem, 13.

[12] Dóll, Voorwoord, Almanak (1792), 3-4.

[13] Immanuel Kant, ‘Beantwortung der Frage: Was ist Aufklärung?’, Berlinische Monatsschrift 12 (1784), 481–494. http://www.deutschestextarchiv.de/kant_aufklaerung_1784

[14] Dóll, Voorwoord, Almanak (1792), 2.

[15] Ibidem, 11.

[16] Ibidem, 14.

[17] Ibidem, 14.

[18] ‘Het gesprek’, Almanak (1799) 47-48. De auteur van deze bijdrage is vermoedelijk Anna Barbara van Meerten-Schilperoort.

[19] Anna Zengers, ‘De Almanak voor vrouwen door vrouwen’, Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 26 (2003), 118-126, aldaar 121-122. http://www.dbnl.org/tekst/_med009200301_01/_med009200301_01_0013.php

[20] ‘Over het charakter der Vrouwen. Aan Neerlands jufferschap’, Almanak (1792) 75-94, aldaar 80-81.

[21] L.H., ‘Over het charakter der Vrouwen. Aan Neerlands jufferschap’, in: Almanak (1792), 81-82.

[22] Dit is ook de conclusie van Anna Zengers: Zengers, ‘De Almanak voor vrouwen door vrouwen’, 123.

[23] Zie ‘1828: Voor vrouwen door vrouwen’, https://www.kb.nl/themas/boekgeschiedenis/populair-drukwerk/tijd-gebonden/1828-voor-vrouwen-door-vrouwen

[24] Everard, Egges, Catharina, in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland.

[25] Zie Adriaan van der Weel, ‘Nineteenth-Century literary translations from English in a book historical context’ in: Martine de Clerq, Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Textual mobility and cultural transmission (Leuven 2006) 27-40, aldaar 28.

[26] Everard, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars?’, 147.

[27] Kirkley, ‘Feminism in translation’, 194, en ook Suzan van Dijk, ‘Was Jane Austen read in the 19th-Century Netherlands?’, in: Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Crossing cultures. Nineteenth-Century Anglophone literature in the Low Countries (Leuven 2009) 161-175, aldaar 169.

[28] ‘Schlüsslich wünsche ich, dass das Lesen dieser Schrift, bey vielen Weibern und Maedchen, Gefühl ihrer Würde wirken, und sie zu dem Entschlusse bringen möge, die ehrenvolle Stufe zu behaupten, zu welcher sie der Schöpfer bestimmt hat, Freundinnen, Rathgeberinnen, Freudengeberinnen, dem Manne, kluge Wirthinnen ihrem Hause, Erzieherinnen und Mutter ihren Kindern zu seyn.’ Christian Gotthilf Salzmann ed., Rettung der Rechte des Weibes mit Bemerkungen über politische und moralische Gegenstände (Schnepfenthal 1793) XIX. http://www.mdz-nbn-resolving.de/urn/resolver.pl?urn=urn:nbn:de:bvb:12-bsb10927644-1

Bibliografie

Originele bronnen:

Secundaire literatuur:

Bij links zonder stabiele URL is de datum van laatste raadpleging vermeld


  • Dijk, Suzan van, ‘Was Jane Austen read in the 19th-Century Netherlands?’ in: Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Crossing cultures. Nineteenth-Century Anglophone literature in the Low Countries (Leuven 2009) 161-175.
  • Everard , Myriam, ‘Catharina Dóll-Egges te paard. Uitgeefsters tijdens de patriottentijd en de Bataafse Republiek’, Jaarboek voor Nederlandse boekgeschiedenis 12 (2005) 79-94. http://www.dbnl.org/tekst/_jaa008200501_01/_jaa008200501_01_0006.php
  • Everard, Myriam, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars? To blictri, Wollstonecraft en andere raadsels in de Wolff-en-Dekenstudie’, Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 27 (2004) 141-151. http://www.dbnl.org/tekst/_med009200401_01/_med009200401_01_0035.php
  • Habermas, Jürgen, Strukturwandel der Öffentlichkeit. Untersuchungen zu einer Kategorie der bürgerlichen Gesellschaft (Neuwied a.d.R. en Berlijn 1962).
  • Hermsen, Joke J., ‘De vrouw moet buigen. Jean-Jacques Rousseau en de superioriteit van mannen’, De Groene Amsterdammer, 6 juni 2012. https://www.groene.nl/artikel/de-vrouw-moet-buigen, laatst geraadpleegd op 31 augustus 2018.
  • Kirkley, Laura, ‘Feminism in translation. Re-writing The Rights of Woman’ in: Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Crossing cultures. Nineteenth-Century Anglophone literature in the Low Countries (Leuven 2009) 189-200.
  • Weel, Adriaan van der, ‘Nineteenth-Century literary translations from English in a book historical context’ in: Martine de Clerq, Tom Toremans en Walter Verschueren ed., Textual mobility and cultural transmission (Leuven 2006) 27-40.
  • Zengers, Anna, ‘De Almanak voor vrouwen door vrouwen’, Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 26 (2003), 118-126. http://www.dbnl.org/tekst/_med009200301_01/_med009200301_01_0013.php

Geraadpleegde websites:

Over de auteur

Anne Oechtering is studente in de Master Kunst- en Cultuurwetenschappen bij de Open Universiteit. In het dagelijks leven geeft zij leiding aan de subafdeling Studie- en Leeszaal van het Rijksmuseum Amsterdam. Haar team ondersteunt het ontwikkelen van nieuwe inzichten en kennis op basis van (kunst)historische bronnen. Dit artikel kwam voort uit het Mastercollege 'De veelzijdige verlichting'.

© 2019 Open Universiteit | Lees de disclaimer en de privacyverklaring van de OU | Voor het colofon zie Over LOCUS |

Voor contact met de redactie kunt u mailen naar locus@ou.nl